home Header Image
home Header Image
Duinen rijden en slapen ussen de jankende jackhalsen

Jankende jakhalzen

31 augustus

Al vroeg in de middag, rond 15 uur, komen we aan in het ‘wildernis kamp’ waar we vannacht zullen overnachten. Robert, de gids, verzoekt ons via de walky talky nog even in de auto te bijven zitten, terwijl hij, met zijn geweer in de hand, checkt of het kamp veilig is. Hij loopt een rondje om de drie grote bomen die midden in de duinpan van rood zand staan. Om deze duinpan staan een paar kleinere bomen en forse struiken. Een onverwachts groen plekje in het verder vrij kale, dorre landschap van met grijsgroen en geel gras en kleine struiken begroeide rode duintjes en duinen waar we al drie dagen doorheen rijden. Vandaag zagen we onderweg tijdens het rit steeds meer grotere bomen in het landschap verschijnen.

We maken een drie daagse toer door het Kgalagadi National Park. Een uitgestrekt park in Zuid-Afrika, tegen de grens van Namibië, dat doorloopt in Botswana. Dit is half woestijn en in de winter, wat het nu is, is het er droog, dor en kaal. Al is het winter, het is nu erg warm, zeker nu, aan het eind van de middag. We schatten dat het ruim 30 graden is en 's nachts koelt het af naar zo'n 9 a 10 graden. Dat valt mee. Vorige week was het hier 's nachts onder nul.

duinen rijden in de KgalagadiSamen met drie andere (Zuid-Afrikaanse) stellen en een gids/ranger, rijden we de Ecotrail, dwars door de Kgalagadi, ver van de platgereden paden in het park. De trail voert ons over zandpaden (meer sporen dan paden). Wij rijden dwars door de droge duinen. Hier in de duinen bevindt zich minder wild dan bij de rivierbeddingen, waar de waterpoelen zijn, maar we komen toch wel wat beesten tegen onderweg. Hier krijg je wel het echte 'wildernis' gevoel en ervaar je veel meer de desolaatheid van het gebied. De trail voert ons over een aantal vrij hoge duinen, soms met veel los zand, wat af en toe nog best een (kleine) uitdaging is voor de auto ern zijn bestuurder. Hier kunnen we mooi, begeleid en samen met anderen oefenen in het rijden over duinen. Leeuwen in Kgalagadi NP

Vanochtend zagen we onderweg vrij veel beesten, meer dan de dagen hiervoor. De gebruikelijke gemsbokken, die we al veel zagen hier in het park, een paar steenbokjes, ook niet ongebruikelijk, en ook kudu's, rode hartebeesten, een jakhals, en drie gieren. Het meest spectaculair waren de leeuwen, die we de eerste dag van onze toer zagen. De eerste leeuw zagen we een flink eindje van de weg lopen toen we nog geen 5 minuten op pad waren. Een uurtje later, net voordat we de ecotrail op wilden draaien, zagen we vlak bij de weg een leeuw en 2 leeuwinnen. De leeuwinnen lagen onder een boom. De leeuw liep naar de boom en ging vlak bij de leeuwinnen liggen. Zo konden we ze mooi een tijdje rustig bestuderen.

Robert geeft aan dat het kamp veilig is en dat we uit de auto mogen komen. Terwijl de andere drie stellen meteen druk aan de slag gaan met het opzetten van een tent, het openklappen van een daktent, het uit de auto sjouwen van kratten en koelkasten en -boxen, stoelen en tafels, compleet met tafelkleden, pakken wij onze twee stoeltjes uit de auto en duwen het dak omhoog. Zo, wij staan! Wij nemen een kijkje bij Robert, die nog steeds speurend door het kamp loopt. Hij wijst ons op sporen. 'Dit is waarschijnlijk het spoor van een luipaard. Of een hyena, maar dan zou je nagelafdrukken moeten zien en die zie ik niet. Dus moet het een luipaard zijn geweest.' De sporen zijn nog duidelijk te zien en tekenen zich redelijk scherp en gedetailleerd af in het zand. 'Ze zijn behoorlijk vers. Vandaag of gisteren hier door het kamp gelopen, denk ik. Kijk, deze sporen zijn al wat ouder, al wat meer verwaaid', zegt Robert terwijl hij op grote, ronde sporen wijst. 'Ze zijn van een leeuw. Ze zijn niet ouder dan een week geleden, want ze staan boven op het bandenspoor van vorige week.'

Leeuwen hebben we dus al gezien, hyena's niet. Maar die hebben we wel gehoord. Gisteravond, toen we om het kampvuur zaten en Robert ons opeens maande om stil te zijn. We hoorden luid en duidelijk een diep, donker gejank. Een aantal keer achter elkaar. Daarna werd het weer stil. 'We don't have to worry', zei Robert. 'Hyena's vallen bijna nooit uit zichzelf mensen aan. Met de auto's, de geluiden die we maken en het vuur, zullen ze bang van ons zijn en afstand houden.' 'Maar de geur van de braai (zo noemen ze hier de barbecue), zullen ze toch wel aantrekkelijk vinden?', zeg ik. 'Jazeker', zegt Robert. 'Vannacht als het rustig is, komen ze misschien wel in het kamp om te onderzoeken of er wat te eten valt', gaat Robert door. 'Alles dus goed opruimen. De botten van het braaivlees en de verpakkingen verbranden of goed wegstoppen in de auto's. Ook de koelkasten moeten de auto's in, want daar bijten ze dwars doorheen. En als de tafel of de stoelen naar eten ruiken, kunnen ze daar ook hun tanden in zetten. Als je vannacht de auto uit gaat, wees dan op je hoede. Geef een schreeuw als je een hyena of leeuw tegen het lijf loopt, maar ren nooit weg. Food runs, you don't wanna be food, so stand your ground', zegt Robert. 'Loop langzaam naar je auto, maak herrie en roep naar mij wat er aan de hand is, want ik kom alleen als ik weet wat de situatie is.' Nou ik ga die auto dus echt niet uit, vannacht, denk ik bij mezelf terwijl ik onze leeggegeten borden achter mijn stoel verplaats naar vlak bij het vuur. De Zuid-Afrikaanse stellen braaien ondertussen lekker door.

De braai maakt een onmiskenbaar onderdeel uit van de cultuur van de Afrikaners. Sterker nog, volgens een van onze reisgenoten is het een cultuur op zich. Op een toertje als dit kun je duidelijk niet zonder koelkasten vol met vlees, hout, een rooster waarin je het vlees kan stoppen en een stalen driepootje dat je boven het vuur kunt plaatsen en waarop je het rooster legt. Verder is het van belang dat je op tijd het houtvuur aan de gang krijgt (natuurlijk geen probleem voor een Afrikaan), zodat het eerst een tijdje kan branden voordat je de braai begint. Want je kan pas het vlees gaan garen als het vuur verworden is tot een hoop gloeiende kooltjes. Die worden dan eerst zorgvuldig geschikt voordat de driepoot en het rooster er boven worden geplaatst. Aan de rand van de kolen worden de zoete aardappels in zilverpapier gedaan, die daar rustig een uurtje liggen op te warmen.

Douchen in de wildernisEen ander vast onderdeel van een wilderniskamp zoals deze, is de bushcampdouche. Een trechtervormig canvaszak, met onderaan een douchekop, hangt aan een touw in een boom. Aan drie kanten een scherm van boomstammen eromheen, en je hebt een bushcampdouche. Met uitzicht op de wildernis, tijdens het douchen (en tijdens wc bezoek, want de bush wc is een wc bril op een stalen vat geplaatst met daaronder een heel diep gat en daaromheen aan drie zijden een scherm van boomstammetjes.). Je vult de canvas zak zelf met water, zet de kraan open en douchen maar. Als je slim bent heb je water voor de douche in een zwarte plastic zak op het dak van je auto op laten warmen, dan heb je een warme douche. Ik moet zeggen, na twee dagen in het zand rondrijden, met de ramen open, is zo'n douche echt heerlijk.

Terug naar gisteravond. We horen de hyena's niet meer janken en om half elf duikt iedereen het bed in. Nog even lezen in bed en dan gaan we slapen. Midden in de nacht worden we wakker van een hoog gejank. Het klinkt dichtbij en het houdt een tijdje aan. Even later horen we heel zacht in de verte hetzelfde gejank. De volgende ochtend horen we dat het jakhalzen waren. En hebben we ook de leeuwen in de verte gehoord? Nee dus. Nou ja, dat was ook heel zachtjes. 'Een hoop activiteit gisteravond en vannacht. Leeuwen, hyena's, jakhalzen. Ik denk dat de leeuwen een prooi hebben gevangen, waar de hyena's en jakhalzen op aasden', aldus Robert. En dat speelde zich dus allemaal vlak bij ons kamp af.... Ik heb overigens heerlijk geslapen, durfde alleen niet eerder naar de wc te gaan dan dat het licht begon te worden en Robert op was.

1 september

De laatste avond die we samen met de Afrikaners doorbrengen is erg gezellig. Peter komt naar ons toe en vraagt: 'Will team Kermit join us for a luxurious banquet?' Hehehe, ook hier krijgen we al snel een naam. In Nederland was het Bregje die onze auto wel een 'Kermit' vond en nu gebeurt dat dus weer. Misschien een teken? Anyway, wij zijn wel in voor een gezamelijk diner al kunnen we zelf weinig meer inbrengen aan voedsel want onze voorraden zijn bijna op. Eerder die middag hadden Francine en Philip, een heel aardig stel waar we veel mee gekletst hebben bij het kampvuur, ons al voorgesteld dat zij typisch afrikaans voor ons zouden koken, dus wij hoefden sowieso eigenlijk niets te doen. Nu het een gezamenlijk diner zou worden zijn we nog even de koelkast ingedoken en kwamen terug met een komkommer en een paprika. Deze hebben we in de salade gedaan die Francine aan het maken was. Intussen was Philip bezig met de mealie-meal. Dit is een soort pap van maismeel die heel erg goedkoop is (en door veel arme afrikaners veel wordt gegeten) en op verschillende manieren wordt gegeten. Je kunt 'm met water koken tot een aardappelpuree-achtige pap, waarna je er balletjes van kunt draaien. Die balletjes haal je dan door de saus heen (sheba genaamd). Die sheba is in dit geval een heerlijk gekruide tomatensaus. Daarbij komt natuurlijk de steak die Philip op de braai heeft gemaakt en 2 aubergines die in zilverpapier vlak naast het vuur gaar geworden zijn. Die eet je met limoensap en knoflook. De rest van de groep heeft ook salade en vlees klaar gemaakt en het smaakt allemaal heerlijk.

Ecotrail kamp

Het gesprek gaat hoofdzakelijk in het Afrikaans, een taal die afstamt van het Nederlands en ons erg grappig in de oren klinkt. Ongeveer 75% daarvan is goed te volgen, die andere 25% gaat ons vaak te snel. Maar we kunnen het gesprek redelijk volgen. Tegen het einde van het diner klinkt het gehuil van hyena's en vlak daarna het gegrom van een leeuw! Wij schrikken op, de rest ook maar Robert heeft meteen door wat er gebeurt: een van de mannen heeft een opname van een bronstige leeuwin en die laat hij nu horen via de speakers van zijn auto. Robert is pislink en snauwt tegen de man dat hij direct moet stoppen omdat dit soort gedrag inderdaad leeuwen aan trekt. En da's misschien wel een beetje teveel spanning voor zo'n laatste avond. Onze afrikaanse reisgenoten zijn trouwens heel erg relaxed onder de aanwezigheid van roofdieren om ons heen. Want als de jakhalzen en hyena's zich weer laten horen, lachen ze een beetje en praten ze rustig door. Iets verderop heeft Philip een schorpioen getraceerd en iedereen neemt een kijkje. Ook al is het beestje maar drie centimeter groot, het blijft een eng gevalletje, ook al is dit type niet erg giftig. Na het dessert (ook nog!) ruimen we op en praten we nog even na bij het langzaam dovende kampvuur. We gaan op tijd naar bed want morgen, de laatste dag van de ecotrail, staan we (weer) voor zeven uur op.

3 septemberGemsbok

Vandaag willen we bij de uitgang 'Mata Mata' het park uit en Namibië in. Onderweg zien we nog drie leeuwen naar een waterplaats lopen, waar een groep springbokken en een stel gemsbokken staat te drinken. Wij hopen op spektakel, maar de leeuwen doen geen poging ongezien te blijven en de bokken hebben het tijdig door en vluchten. Jammer, blijkbaar is de honger van de leeuwen niet zo groot dat er gejaagd gaat worden.

Eenmaal bij Mata Mata aangekomen vraagt de Namibische douane om onze paspoorten. 'Waar is je exit stempel van de Zuid Afrikaanse douane?' vraagt de douanier. 'Uhh, die hebben we nog niet, waar kunnen we die halen dan?', vraagt Harald. 'Bij de Hoofdingang in Twee Rivieren, waar je het park bent binnengekomen', zegt de man. Shit! Dat is 120 kilometer terug naar het zuiden! Bij een maximum snelheid van 50 km per uur, die in het park geldt, is dat dus 2,5 uur rijden. 'Klootzakken', zegt Harald als hij weer bij de auto komt. 'Waarom hebben ze dat niet gezegd bij de balie van Twee Rivieren? We hebben daar wel gezegd dat we hier de grens over wilden.' Tijdens de rit naar Twee Rivieren komen Francine en Philip ons tegemoet rijden. 'Where are you going?' vraagt Francine verbaasd. Als we uitleggen dat we eem stempeltje moeten halen 120 km verderop en dat we het een beetje jammer vinden dat ze dat ons niet eerder verteld hebben, zegt Francine glimlachend 'Welcome to Africa'.

We rijden door naar Twee Rivieren. Onderweg zien we bijna geen dieren meer. We besluiten buiten het park, meer naar het Zuiden de grens over te gaan. Maar dat lukt vandaag niet meer, want de grenspost sluit om 16 uur. Morgen dan maar.

Duinen bij Rooiduin CampingWe overnachten net buiten het park op een kleine eenvoudige camping, die heel toepasselijk Rooiduin heet. De 5 of 6 campingplaatsen liggen tussen een paar rode duinen, ver van het huisje waar we ons inschrijven. We zijn de enige gasten. De afgelegenheid en eenzaamheid is een klein beetje beangstigend. Maar het is wel heel bijzonder, zo'n mooie plek voor ons zelf alleen. We stoken ons eerste kampvuurtje - dat gaan we vaker doen - en eten buiten bij het vuur onder een prachtige sterrenhemel. We gaan vroeg naar bed en slapen heerlijk.