home Header Image
home Header Image
Naamloos document

Oog in oog met een leeuwin

11 oktober 2011

"Hier zitten niet veel beesten in deze tijd van het jaar", zeg ik tegen Harald als we eind van de middag het Nxai Pan NP inrijden. Aan beide zijden van de weg zien we heel veel dor, geel gras met hier en daar een dor struikje of boompje. "Er is hier in de droge tijd bijna geen water en de beesten trekken dan naar de Boteti River in het Magadikgadi NP. "Waarom zijn we dan toch hier dan?" vraagt Harald. "Vanwege de Baines Baobabs en de mooie kampeerplekken daar vlakbij. Niet meteen een 'must see', maar het ligt op de route."

We hebben hier op een van de kampeerplekken afgesproken met Patrick en Vanessa, omdat wij gisteren in Maun luchtvering onder de auto hebben laten zetten terwijl zij een dagje naar het Magadikgadi NP gingen. "Merk je het verschil nu we de luchtvering hebben?" vraagt Harald terwijl we door het rulle zand zoeven. "Hij veert lang niet zo diep en lang door." "Ja inderdaad een groot verschil. Dit is een stuk prettiger."

Kleine Pan in het Nxai Pan NPEven later slaan we rechts af en rijden een kleine 'pan' in. Een pan is een verlaging in het landschap waar in het natte seizoen water staat, maar die in het droge seizoen opdroogt. "Bij de echt grote pans moet je uitkijken", zeg ik. "Na het natte seizoen drogen ze van boven het eerst op. De uitgedroogde klei lijkt dan stevig genoeg om overheen te rijden, maar vormt nog lange tijd na het natte seizoen een dunne harde laag bovenop een diepe laag modder. Als je door die harde laag heenzakt komt je vast te zitten. Bij sommige pans verdwijnen hele auto's dan in de modder en die zijn niet meer te redden. Het is nu aan het einde van het droge seizoen, dus zal de klei wel helemaal opgedroogd zijn, maar bij de grote pans toch maar een beetje uitkijken lijkt me." "Dat lijkt me een goed plan", zegt Harald. "Beter niet zo'n pan dwars oversteken dus".

We slaan een smal zandpad in, waar de takken van de dorre struikjes af en toe piepend langs de zijkanten van de auto krassen. We zien een paar gemsbokken en wat springbokken, maar het landschap ziet er verder dor en doods uit. "Hier even rechts af", zeg ik in een opwelling als we een wat grotere pan passeren. "Waarom?", vraagt Harald. "Gewoon even zo'n grotere pan van dichtbij bekijken", antwoord ik. "En ik dacht een beest te zien liggen in de pan, maar dat kan ook een grote pluk gras zijn." Harald rijdt de auto iets terug en slaat dan rechtsaf een track naar de grijs-witte pan in. "Kijk, volgens mij ligt daar een beest", zeg ik als we op de rand van de pan staan, wijzend op een geel-bruine vlek op 20 meter uit de rand van de pan. "Het lijkt wel een .........." Snel pak ik de verrekijker en tuur er door heen. "Ja hoor, zeker weten. Het is een leeuw. Rij er eens wat dichter Leeuwin in Nxai Pan NPnaar toe." Voorzichtig rijdt Harald de auto de pan in en volgt de rand van de pan. Er is een duidelijke track te zien, dus we zijn niet de eersten die hier rijden. Langzaam naderen we de leeuwin, die lui naast een grote graspol ligt. De leeuwin kijkt nauwelijks op of om, dus rijden we nog wat dichterbij. We staan nu aan de rand van de pan op 10 meter van de leeuwin en even kijkt ze naar ons om. Maar daarna toont ze weinig interesse in ons.

"Kijk, daar ligt nog een leeuwin." Harald wijst naar zijn kant naast de auto, naar de verhoogde, met lang geel gras begroeide rand van de pan. Schuin voor ons, tussen het gele gras, ligt verdekt Leeuwin 2 in Nxai Pan NP een tweede leeuwin. "Rij nog eens wat verder, Har." Langzaam rijdt Harald dichter naar de leeuwin toe, tot de auto naast haar staat, op slechts 3 meter afstand. Alleen haar kop steekt boven het gras uit en doordat ze op de verhoogde rand ligt kijken we haar zo ongeveer recht in de ogen. De lage zon doet haar bruine ogen fonkelen. Ze blijft rustig liggen maar houdt ons wel in de gaten. Ze likt haar lippen en gaapt. Haar bek gaat daarbij wagenwijd open - we kunnen haar tanden tellen - en haar tong komt naar buiten. Klik, kilk, klik, kik, klik, klik, klinkt mijn fototoestel. "Fantastisch!", roep ik enthousiast terwijl ik blijf afdrukken. De leeuwin gaapt nog twee keer vol overgave. Vervolgens kijkt ze ons voldaan aan. Dan likt ze weer met tong langs haar lippen en staat op. Ze rekt zich eens even lekker uit en zet dan een paar stappen in onze richting. Nogmaals likt ze haar lippen en kiLeeuwin kijkt ons aan in Nxai Pan NPjkt ons aan. "Die denkt zeker, ik zie een lekker maaltje", zeg ik. Harald is druk bezig de leeuwin op video vast te leggen door het wijd open raam, terwijl de leeuwin nog een paar passen onze kant op doet. "Uhhhhh, Har. Misschien toch even iets doorrijden?!" Harald stopt met filmen en draait snel zijn raam dicht terwijl hij heel langzaam wat verder rijdt. De leeuwin loopt achter de auto langs, de pan in naar de andere leeuwin. Harald keert de auto en terwijl we langzaam weer richting de leeuwinnen rijden lopen ze rustig naar het midden van de pan en gaan daar weer languit liggen.

Baines Baobabs in Nxai Pan NPNa nog een paar foto's te hebben genomen rijden we verder. Al snel komen we bij Baines Baobabs, die aan de rand van een enorm grote pan staan. De laagstaande zon kleurt deze groep enorme bomen donker rood. Dat contrasteert mooi met het bijna witte oppervlak van de pan. Snel schiet ik een paar foto's van de bomen, want we moeten door. De zon gaat over 10 minuten onder. "Patrick en Vanessa zullen zich wel afvragen waar we blijven", zeg ik. "Onze campsite moet hier vlak bij zijn, maar ik zie hen nog niet. Gelukkig dat de campsites in de GPS staan, want volgens mij is het nog best moeilijk te vinden." De GPS leidt ons eerst langs de rand van de enorme pan die zich voor ons uitstrekt, maar geeft dan aan dat we de pan moeten oversteken. "Ja dat doe ik dus niet, he," zegt Harald. "Ik zie hier helemaal geen andere sporen!" We rijden nog een klein stukje verder. "Kijk, hier gaan bandensporen naar rechts. Laten we die dan maar volgen", zeg ik. We steken de pan over en aan de overkant gekomen volgen we weer de rand van de pan. Niet veel later moeten we de pan nogmaals oversteken en weer volgen we een ander spoor. "Stop eens even voor een foto", zeg ik. "Mooi niet", zegt Harald. "Die neem je maar aan de rand van de pan. Ik heb geen zin om in de pan weg te zakken. Zolang we doorrijden gaat het goed, maar ik ga die 3500 kg niet stil zetten midden op de pan." Terwijl de hemel rood Baines Baobab Campsite 2, Nxai Pan NPkleurt rijden we door de pan. Hij blijkt nog groter dan we dachten en de zon is net onder als we opeens aan de rand van de pan een bordje 'campsite 2' zien. "Gelukkig we zijn er", zeg ik, terwijl Harald de auto de pan uit stuurt. "Wat een prachtige kampeerplek! Stop hier even voor een fotootje." Voor ons doemen twee enorme baobabs op omgeven door hoog, geel gras. De Landrover van Patrick en Vanessa staat tussen de twee baobabs geparkeerd. De volle maan staat laag aan de hemel, net boven de Landrover. Op ons na is er in de wijde omgeving geen levend wezen te bekennen. De kampeerplekken hier liggen minstens een kilometer uit elkaar, dus je waant je alleen in deze droge wildernis.

's Avonds bij het kampvuur luisteren we naar de stilte om ons heen. We horen geen enkel geluid; Geen brullende leeuwen, geen jankende hyena's of jakhalsen en zelfs geen gecko's. "Er zijn hier toch echt maar heel weinig beesten in het park", concludeer ik. Maar met de leeuwinnen in ons achterhoofd hebben we geen zin de 20 meter door het donker naar ons eigen bushtoilet te lopen en plassen we maar even vlak naast de auto.

"Een fantastische kampeerplek en weer een mooie herinnering erbij!", zeg ik voldaan vlak voordat we in slaap vallen.